wettelijke basis

Het examen is onder andere gebaseerd op de ’Technische specificaties inzake interoperabiliteit van het subsysteem exploitatie en beheer treinverkeer van het conventionele trans-Europese spoorwegsysteem’ , aanhangsel C van de bijlage, hierna genoemd TSI.

De te toetsen vakbekwaamheidseisen staan verwoord in het Examenprogramma. Deze is onderaan deze pagina te openen.

opbouw bevoegdheid

Het examen bestaat uit simulatie-opdrachten.
Er zullen (in principe) drie korte casussen worden gespeeld in totaal ongeveer 20 minuten. Het examen wordt afgenomen door gecertificeerde examinatoren van VVRV.

toelatingseisen

  • De kennis van specifieke terminologie en kennis van de te volgen procedures is aanwezig. 
  • De kandidaat beschikt over voldoende kennis van het Nederlands om de gebruikelijke procescommunicatie kan voeren en begrijpen (artikel 5 van het Besluit spoorwegpersoneel 2011. Het niveau dat minimaal nodig is om deze communicatie te kunnen uitvoeren is het niveau B1 zoals gedefinieerd door de CEF en de ongeveer gelijke taaleis in de Europese richtlijn 2007/59/EG bijlage VI, punt 8 en de TSI Operations (niveau 3). De kandidaat moet de taal duidelijk kunnen spreken; zonder dialect of accent dat de verstaanbaarheid negatief beïnvloedt.